Manuele therapie

Na de opleiding fysiotherapie kan een fysiotherapeut door het volgen van een masteropleiding manueel therapeut worden. De manueel therapeut is opgeleid tot specialist op gebied van onderzoek en behandeling van functiestoornissen van gewrichten binnen de gehele mens, met als kerngebied de wervelkolom.

 

Wat is manuele therapie?

De manueeltherapeut benadert een gewricht vanuit een fysiologisch oogpunt. Dit wil zeggen dan het gewricht als één geheel gezien wordt met alle omliggende weke delen, zoals spieren, bloedvaten, zenuwen en aangrenzende gewrichten. Bij een veranderde gewrichtsfunctie, welke kan ontstaan bij een ongeval, verouderingsproces of door ziekte, kan de manueel therapeut door het uitvoeren van specifieke mobilisaties of manipulaties van gewrichten de functiestoornis verminderen of opheffen. Dit alles met als doel om de bewegingsketens van het menselijk lichaam te optimaliseren.

 

Met welke klachten kan ik bij een manueel therapeut terecht?

Nek- en rugklachten.
Tachtig procent van alle Nederlanders krijgt in zijn leven te maken met rugklachten en zeventig procent met nekklachten. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat nek- en rugklachten van nature goed herstelt binnen een aantal dagen tot weken. In enkele gevallen blijven deze klachten langer aanhouden. Rug- en nekklachten kunnen door vele factoren beïnvloed worden. Naast allerlei biologische variabelen spelen ook persoonlijke factoren en omgevingsfactoren (o.a. werksituatie) een belangrijke rol. De manueel therapeut is bij uitstek geschikt om te beoordelen door welke factoren uw klachten beïnvloed worden en hoe u het beste kan omgaan met uw klachten. De manueel therapeut heeft van de wervelkolom zijn specialisatie gemaakt en werkt volgens de laatste wetenschappelijke inzichten.

Hoofdpijnklachten.
Hoofdpijn is een veel voorkomende klacht en wordt door veel mensen als zeer vervelend ervaren.

Er zijn verschillende soorten hoofdpijn: 
- cervicogene hoofdpijn (afkomstig uit de nek)
- spanningshoofdpijn
- migraine 
- clusterhoofdpijn (heftige, periodieke hoofdpijn). 

Ongeveer 15 procent van alle hoofdpijnpatiënten heeft last van cervicogene hoofdpijn. Deze hoofdpijn wordt veroorzaakt door een gewrichtje in de nek dat niet goed beweegt, een zogenaamde functiestoornis. Dat kan ontstaan zonder specifieke oorzaak of na een trauma van de nek, zoals een val of kop- staartbotsing. 
Kenmerkend voor deze hoofdpijn is dat het start in vanuit de nek en uitstraalt naar de achterkant van het hoofd, meestal enkelzijdig. De hoofdpijn is niet bonzend of stekend van aard, maar meestal dof en wordt geprovoceerd door bewegen van het hoofd. Minder goed bewegen en draaien met het hoofd is ook kenmerkend voor deze hoofdpijn. 

Cervicogene hoofdpijn kan door de manueel therapeut goed beoordeeld en behandeld worden.

Duizeligheid.
Meer dan 1 miljoen Nederlanders zijn bekend met een vorm van duizeligheid.

Duizeligheid kan meerdere oorzaken hebben:

- duizeligheid als gevolg van wisselingen in bloeddruk
- problemen in het gehoororgaan
- neurologische problemen
- duizeligheid vanuit de nek. 

Er zijn twee typen duizeligheid: de ene vorm is draaiduizeligheid en de andere vorm geeft een licht gevoel in het hoofd. Bij draaiduizeligheid heeft de patiënt het idee dat objecten om hem/haar heen bewegen of dat hij/zij zelf beweegt. 

Draaiduizeligheid kan verschillende oorzaken hebben, waaronder benigne paroxismale positieduizeligheid (BPPD). BPPD kent kortdurende aanvallen van draaiduizeligheid, direct na verandering van de stand van het hoofd. 

Een andere vorm van draaiduizeligheid is cervicogene duizeligheid en wordt veroorzaakt door een gewrichtje in de nek dat niet goed beweegt, een zogenaamde functiestoornis en kan gepaard gaan met nekpijn en hoofdpijn. Cervicogene duizeligheid heeft dus een duidelijke relatie met de nek. 

BPPD en cervicogene duizeligheid zijn beide goed te behandelen door de manueel therapeut.

Hedendaags effectonderzoek heeft aangetoond dat juist de combinatie van manuele therapie en functioneel (passende bij het dagelijks leven) gerichte oefentherapie het beste resultaat heeft bij nek-, schouder- als rugklachten. Gewonnen beweeglijkheid dient immers ook weer getraind te worden. Spieren moeten weer aangeleerd worden de herwonnen bewegingsuitslag aan te sturen, zowel op zuivere kracht als op conditie en coördinatie/evenwicht niveau.